Nieuwe waarden - epigenetica

De technologie staat niet stil,

waardoor er zich nieuwe waarden vormen aan de huidige manier van fokken. De theorie die Darwin ons lang geleden gaf konden we pas bevestigen in het DNA tijdperk, doch er is meer...

Na het lezen van deze bladzijde hopen we dat dit voor u wat duidelijker wordt.

-Waarom er al 25 jaar bij steady-line's pups plaatst sinds hun geboorte.

-Waarom we na het houden van de zes Retrieverrassen kozen voor de Golden en Labrador Retrievers. Naast het feit dat van de twee rassen enorm veel info is te vergelijken met andere rassen zijn ze rustig en stressbestendig, ze hebben in vergelijking met andere rassen een lage hartslag.

Gelieve na het lezen van deze bladzijde eens goed na te denken over broodfokkerij.

Bepaalde genetici beweren immers dat 65% van de gezondgheids-en gedragsproblemen onder invloed zijn van van epigenetica.

reuen die kunnen genieten van een familieleven

Steady-line's Buddy

Heel veel mensen staan er niet bij stil wanneer ze hun pup socialiseren dat ze werken aan een betere toekomst van zijn/haar (eventuele) nakomelingen. Dit klinkt wat absurd maar toch zit er een zekere waarheid in.

Socialisatie gaat hand in hand met conditionering. Wanneer men de ouderdieren een zo goed mogelijke leven bied, hen zoveel mogelijk blootstelt aan prikkels en ze hen daarbij positief conditioneerde, heeft dit invloed op de nakomelingen. Om deze reden gebruiken we alleen reuen die konden genieten van een familieleven. Die alle aandacht krijgen, in het goed milieu opgroeide en met de nodige zorgen verzorgd werden.

Nu kan ik niet zeggen dat het samenleven met onze teefjes de reden is waarom,

het samenleven met de teefjes is onze grootste passie, “een manier van leven”.

Het fokken komt niet in de eerste plaats bij ons, maar bezorgd ons wel nakomelingen die aan onze eisen voldoen. 

Niet alle genetische problemen zijn monogentisch.

-Sommige zijn polygenetisch (Het verervingpatroon van twee of meer paren genen zonder invloed van het milieu) via de oude waarden en de bloedlijn kennis wordt hier veel aandacht aan besteed. 

-Andere zijn dan weer multi factorieël (Het verervingpatroon met invloed van het milieu en andere.)

Er is meer...Epigentica.

Waar genetica de studie is naar erfelijke informatie in de basenparen volgorde in het DNA is epigenetica de studie van overerfbare veranderingen aan het DNA die niet in de basenparen volgorde zijn terug te vinden.

Zaken zoals stress, voeding en milieu spelen een enorme rol, dit niet enkel voor het individu maar ook voor zijn nakomelingen.

Dit epimechanisme heeft te maken met de mogelijkheid voor het DNA om een gen “aan” of “uit” te zetten. Het bestudeert ook de processen die de zich ontplooiende ontwikkeling van een organisme beïnvloeden. In beide gevallen wordt bestudeerd hoe gen-regulerende informatie die niet in DNA-sequenties wordt uitgedrukt toch van de ene generatie op de andere wordt overgedragen.

De pup krijgt de invloeden van wat zijn voorouders ondergingen.

Steady-line's Brandon

Bij mensen is dit net zo.

Een Zweedse studie (uit gegevens en cijfers van een ruim en compleet Zweeds bevolkingsregister) dat kon worden aangetoond dat perioden van relatieve hongersnood bij een eerste generatie systematisch een significante uiting van diabetes bij de derde generatie tot gevolg had. 

Stressresultaten zijn erfelijk

Lieve Bonte met Steady-line's Freya

Het is bovendien gebleken dat stressgevoeligheid bij kinderen van wie de moeder tijdens de zwangerschap aan sterke stressprikkels werd blootgesteld ook in verhouding veel hoger ligt. Bij posttraumatische stress syndroom in het derde trimester van de zwangerschap is deze overdracht het grootst. Verhoogde cortisolniveaus als indicatoren van stress worden dan ook in de baby waargenomen.

Bovendien bleek uit de Zweedse studie dat er een verschil in de gevoeligheidsperiode was bij mannelijke of vrouwelijke grootouders. Voor de vrouwen valt die op het moment van de zwangerschap van de moeder, voor toekomstige vaders ligt de gevoelige periode vlak voor de puberteit.

Stresstesten bij dieren

Een mannetjes muis van de eerste generatie kreeg telkens weer een elektrische voetschok, die iedere keer werd vergezeld door een kersenbloesem-achtige geur. Zo werd hij sterk geconditioneerd om de angst die bij de voetschok hoort, te koppelen aan de bloesemgeur. Zowel de eerste generatie als de tweede generatie nageslacht van de getraumatiseerde muizen bleek angstiger na het ruiken van kersenbloesemgeur dan andere muizen wiens voorouder geen angstreactie was aangeleerd. Ze konden deze specifieke geur namelijk al bij veel lagere concentraties detecteren, omdat de genen voor hun reukreceptor epigenetische veranderingen hadden ondergaan.

Er werden hier maar enkele voorbeelden gegeven om het duidelijk te maken, Maar u begrijpt ook dat er heel veel invloeden zijn, en enorm veel variaties kunnen optreden.

 

Klik hier voor de pups          Home          Contact           

Wat is er allemaal te lezen op deze site?